PASSERELLE TREINSTATION DIEREN

In opdracht van Reef Infra heeft XLWOOD bv het Accoya mogen leveren voor dit geweldige treinstation. Op deze brug is ruim 8000 m1 Accoya verwerkt in diverse breedtes en diktes. Het hout is niet geschaafd waardoor latstrepen ook duidelijk zichtbaar blijven. Een wens van de architect omdat hiermee het effect van een boomstronk nog realistischer is geworden. De brug heeft al meerdere prijzen gewonnen.

GEVELPROJECT
Jaar

2017

Plaats

Dieren

Houtsoort

Accoya Ruw hout 100% FSC

Toepassing

Gevelbekleding in diverse breedtes

Afwerking

Anit graffiti behandeling

Opdrachtgever

Prorail

Aannemer

Reef Infra

Visualisatie station Dieren

Het spoor en de doorgaande, parallel gelegen provincialeweg N348 scheiden de noord- en zuidzijde van Dieren. Om de doorstroming van het verkeer te bevorderen wordt de N348 ter hoogte van het station verdiept aangelegd. Om de noord- en zuidzijde van Dieren weer te verbinden en de bereikbaarheid van het station te verbeteren is het station voorzien van een Passerelle met stijgpunten.

BEKIJK VIDEO

PROJECTOMSCHRIJVING

Passerelle Dieren is onderdeel van een groter project om te komen tot een heringerichte stationsomgeving met verbeterde  toegang, door middel van een veilige transfer én het up-to-date maken van de stationsvoorzieningen zoals (fiets-)parkeren, verbinding naar het busstation en kiss & ride. De Passerelle heeft drie stijgpunten. Elk stijgpunt bestaat uit een brede trap en een lift voor mindervaliden.

De stijgpunten worden verbonden door grote stalen bruggen die de reizigers veilig over het spoor voeren. De passerelle heeft een directe verbinding met het bovenste dek van de nieuw te bouwen parkeergarage aan de noordzijde van het station middels een stalen trap. De passerelle is markant en bijzonder door afwisselend materiaalgebruik van beton, hout, staal en glas.

BOUWKUNDIG CONCEPT

De boomstronk dient als metafoor voor de passerelle. De trappen ‘groeien’ als takken, stronken en knoesten aan de hoofdstronk. De metafoor geeft de mogelijkheid om verschillende noodzakelijke en gewenste spoorvoorzieningen te integreren. De boomstronk ligt over de treinsporen en verbindt de noord-, zuidzijde en het middenperron. Een integrale houten brug viel buiten de mogelijkheden gezien de eisen die er boven het spoor aan gesteld worden. Beton vormt de voet van het geheel, staal neemt het op weg naar boven over en vormt de kuip waarin je loopt, hout zit aan de randen.

Citaat: ‘Het is onderweg een zoeken naar mogelijkheden om aan te haken, af te takken, te aarden: de vergelijking met een boomwortel drong zich op en bleek voor alle betrokkenen goed te werken. De houten lamellen zijn gebruikt om de constructie uit het zicht te houden. Een doorzicht is niet wenselijk maar wel de schaduwwerking die bij lamellen hoort. Daarom zijn de houten verticalen van verschillende afmetingen door elkaar gebruikt, de dikte- en breedteverschillen veroorzaken de gewenste schaduweffecten.’

Vervolg citaat: ‘Hoe ga je die boomstronk maken? Met name die lifttorentjes wil je er niet als losse elementen naast hebben staan. Ze zijn voor een deel ingepakt met hout en voor de rest transparant gehouden met het oog op het veiligheidsgevoel van de reiziger. De stalen balustrade van de kuip vouwt omhoog naar de lifttoren, het hout volgt en voltooit deze beweging.’